Historiek

De Koninklijke Racing Club Mechelen heeft een rijke historiek, in 2016 bestaat de club 112 jaar.
Hoe het de club in die 112  jaar is vergaan, leest u in deze sectie.

Historiek


stichters krcm

De eerste jaren:

De club werd opgericht begin juli 1904 als Racing Club de Malines door 4 studenten van 17 jaar: G. Van den Nest, A. Dousedan, A. Van Hoey en R. Grombeer (zie foto hiernaast).

In de beginmaanden werden er geen reglementair georganiseerde matchen gespeeld. De leden speelden onderling tegen elkaar op militaire trainingsvelden in Mechelen-Noord. In 1905 kon de club één keer per week een deftig veld gebruiken aan Kauwendael. Dit terrein was eigendom van FC Mechelen, maar de Racingers gebruikten het bijna elke dag, tegen de afspraken in. Hier werd op donderdag 20 april 1905 de eerste officiële vriendenwedstrijd gespeeld tegen een club van een Franstalige school uit Antwerpen, het Rachez-instituut. Op 28 mei 1905 vindt er op hetzelfde veld een volgende officiële vriendenwedstrijd plaats tegen Kuregem. Op 19 juni 1905 wordt er op een maandelijkse vergadering een reglement ingevoerd en wordt Oscar Van Kesbeeck op 18-jarige leeftijd (!) als voorzitter gestemd met 45 tegen 5 stemmen.


1906: Eerste terrein aan de Slachthuisvest. ill historiek

In het najaar van 1905 trok Racing Mechelen naar het Rode Kruisplein (toen Slachthuisvest), waar zij een veld hadden verworven op de plaats waar later het Stedelijk Zwembad gebouwd werd. De kleedkamers waren in een herberg in de nabijgelegen Nonnenstraat gevestigd. Racing Mechelen werd ook de favoriete ploeg van de arbeidersklasse in Mechelen. De reden hiervoor was de keuze van de locatie van het speelterrein. In de onmiddellijk nabijheid liep immers de Dijle met zijn pas gebouwd Keerdok. In 1906 was de Dijle de economische slagader van de stad. De meeste goederen werden aangevoerd per schip en de buurt van het Keerdok was een echt economisch bijennest dat bol stond van activiteit. De nieuwe vorm van ontspanning, genaamd voetbal, kwam in Mechelen zo opeens nauw in contact met het gewone volk, temeer ook omdat de stadsrivaal uitgeweken was naar een veld ver buiten de stad, aan de grens met Hofstade. De groen-witte kleuren werden finaal gekozen in mei 1906, tijdens de maandelijkse vergadering. De leden vonden dat de oorspronkelijke kleuren (blauw en wit) de ploeg een te liberale stempel zou laten meedragen. De aanvraag tot toetreding tot de KBVB gebeurde vóór 10 juli 1906, de uiterste datum door deze bond vooropgesteld om deel te kunnen nemen aan het seizoen 1906-1907. De club werd op 22 juni 1906 lid van de UBSSA. De club trad vanaf 1907 aan in de Eerste Afdeling, de huidige Tweede Klasse. In 1909 won de club daar zijn reeks en speelde zo in 1910 voor het eerst reeds in de hoogste afdeling.


1910: Paleisrevolutie:

De plotse groei eiste zijn tol. Racing speelde wel op het hoogste niveau maar er waren ernstige financiële moeilijkheden, in zoverre dat er verificateurs werden aangesteld om de toestand uit te klaren. De "vreemde" spelers begonnen meer en meer geld te eisen. Er ontstond tweedracht, en er werd een speciale mega-vergadering voorbereid. Deze zou doorgaan op 26 november 1910 in lokaal "Chevalier Marin". Op de vergadering lazen de verificateurs hun verslag voor en prompt nam het bestuur ontslag. Op hetzelfde ogenblik trad Van Kesbeeck, die een jaar eerder ontslag had genomen, in de zaal binnen. Er viel hem een echte triomf te beurt. Het bestuur werd herschikt en Van Kesbeeck verkreeg tevens onbeperkte macht op financieel gebied. Racing kon zich tijdens het seizoen 1910-1911, dat tevens gekenmerkt werd door toenemende zware incidenten op en rond het veld, op het hoogste niveau handhaven.Na twee seizoenen zakte Racing echter al terug naar Tweede Klasse. Vlak voor de Eerste Wereldoorlog pakte de club daar opnieuw de titel. Van 1909 tot 1918 speelde de club aan de Oude Liersebaan, ter hoogte van het ouderlingencomplex aan de Schijfstraat .


1919-1937: Lange periode op hoog niveau:ovkstadion 1925 website Pas na de oorlog kon de club weer van start gaan in de Ere-afdeling. Ditmaal kon de club zich daar langer handhaven. Enkel in het seizoen 1924/25 speelde Racing nog even een seizoen in Tweede Klasse. Bij het 25-jarig bestaan in 1929 kreeg de club de koninklijke titel en werd Racing Club de Malines Société Royale (RC Malines SR). Deze periode kende de club enkele goede seizoenen en werd zowel in 1929 als in 1930 derde in de eindstand. Van 1918 tot 1923 speelde de club op het Rode Kruisplein, waar ook een stedelijk zwembad gevestigd was. Daarna week de club uit naar een bijzonder groot en modern voetbalcomplex aan de Antwerpsesteenweg, het tegenwoordige Oscar Vankesbeeckstadion.


1937: Korte terugval tot vlak na oorlog:

In 1937 werd de ploeg laatste, na slechts één overwinning en vijf gelijke spelen in een volledig seizoen, en zakte terug naar Tweede Klasse. De naam van de club werd dat jaar vervlaamst tot Racing Club Mechelen Koninklijke Maatschappij (RC Mechelen KM). Meerdere clubspelers werden tijdens de oorlog gedwongen naar Duitsland gestuurd om te werken.


1948-1955: Glansperiode: krcm 1953 54

Pas na de Tweede Wereldoorlog, in 1947/48, slaagde de club er in zijn reeks in Tweede Klasse te winnen en kon zo terugkeren naar de Eerste Klasse. Bij het begin van de jaren 50 kende de club zijn beste resultaten. In 1950 werd Racing Mechelen derde en herhaalde dit in 1951, toen op slechts twee punten van kampioen RSC Anderlecht. Het seizoen erop werd men zelfs vicekampioen, na RFC Liégeois. Mechelen haalde in 1954 de finale van de Beker van België, maar ging daarin onderuit tegen Standard.


1958: Definitieve terugval:

In 1957 werd de naam uiteindelijk Koninklijke Racing Club Mechelen (KRC Mechelen). De club kende echter een moeilijke periode. In 1958 zakte Racing terug naar Tweede Klasse, twee seizoen later, in 1960, viel de club zelfs terug naar Derde Klasse. Gedurende de rest van de jaren 60 ging de club op en neer tussen Tweede en Derde klasse, tot men in 1975 nog eens de titel kon veroveren in Tweede Klasse. KRC Mechelen promoveerde weer naar Eerste Klasse, maar werd daar in 1975/76 laatste en zakte na één seizoen terug naar Tweede. Daar bleef de club spelen tot men er in 1988 opnieuw de titel pakte, en opnieuw naar de hoogste afdeling kon. Het verblijf was opnieuw van korte duur en na twee seizoenen zakte de club terug. In 1994 volgde een nieuwe degradatie naar Derde Klasse, waar de club het volgende decennium bleef spelen met wisselend succes. In 2000 kon men in de eindronde aantreden, maar miste de ploeg promotie; het seizoen erop daarentegen moest in een eindronde zelfs het behoud verzekerd worden. In het seizoen 2003/2004 werd Racing na 13 jaar weer even herenigd met stadsgenoot YRKV Mechelen. De derby's tussen de twee Mechelse clubs brachten zelfs in Derde Klasse veel publiek op de been, met hevige rellen tot gevolg. In 2008 maakte de club furore in de Beker, waar het de eersteklassers GBA en Zulte Waregem uitschakelde. In de kwartfinale is de club uitgeloot tegen tweedeklasser Lierse SK, de heenwedstrijd werd met 1-0 gewonnen, maar in de terugwedstrijd ging de club kopje onder met 3-0. In de competitie haalde de ploeg de eindronde. Op 18 mei 2009 overleed voorzitter Edmond Phlips. In 2009 besloot de club te gaan samenwerken met de Mexicaanse voetbalschool Cesifut. Er kwam ook een Mexicaanse geldschieter. De samenwerking resulteerde in een instroom van Mexicaanse spelers. Eind oktober 2009 nam trainer Regi Van Acker ontslag, omdat geldschieter Salvador Necochea zich teveel bemoeide met de sportieve gang van zaken en omdat hij zich niet meer kon vinden in de werkwijze van de club. Een groot deel van de bestuursleden en enkele kernspelers volgden zijn voorbeeld.


Racing vandaag: ovk.hoofdtribune ingang

Na een tumultueus seizoen 2009/10 degradeerde Racing uiteindelijk voor de eerste keer in haar geschiedenis naar Vierde Klasse. Daar bleef het maar 1 seizoen en steeg het meteen terug naar derde klasse. Onder leiding van Raoul Peeters werd Racing kampioen na een 4-2 overwinning tegen SK Berlare. Racing beëindigde het seizoen met 68 punten, 10 punten meer dan vice-kampioen Londerzeel. In het eerste seizoen als (opnieuw) derdeklasser werd Racing 8ste. Het jaar daarop, 2012-2013 werd het vice-kampioen achter Hoogstraten VV. In de eindronde om promotie naar tweede klasse speelde Racing de finale tegen Geel-Meerhout.

In het seizoen 2013-2014 behaalde Racing de kampioenstitel en trad het na meer dan 20 jaar opnieuw aan in tweede klasse.
Spijtig genoeg bleef het verblijf in tweede klasse beperkt tot één seizoen waardoor de club in het seizoen 2015-2016 terug aantrad in derde klasse. Opnieuw kon de degradatie niet ontweken worden en volgde de tweede degradatie op rij. Ook het seizoen 2016-2017 verliep allesbehalve vlot voor Racing met als resultaat dat de club voor een derde keer op rij degradeerde en daardoor zal Racing - voor de eerste keer in zijn bestaan - zijn opwachting moeten maken in eerste provinciale.


Voorzitters


Een overzicht van de clubvoorzitters:

1904-1905  Antoine Van Hoey
1905-1909  Oscar Van Kesbeeck
1909-1910  Eduard Mees
1910-1911  Oscar Van Kesbeeck
1911-1915  Georges Verhuyck
1915-1919  Victor Deroy & Georges Verhuyck
1919-1943  Oscar Van Kesbeeck
1943-1945  Geen uit eerbied voor de overleden Oscar Vankesbeeck
1945-1965  Jan Dogaer
1965-1966  P. Daems (Algemeen voorzitter) & Jozef Gilis (Voorzitter voetbalafdeling)
1966-1978  Jozef Gilis
1978-1988  Frans Meulemans
1988-1988  Waarnemend voorzitter Louis Wouters
1988-2000  Alfons Rooms
2000-2004  Marcel Leemans
2004-2006  Joël Hendrickx
2006-2007  Waarnemend voorzitter Edmond Phlips
2007-2009  Edmond Phlips
2009-2010  Geen uit eerbied voor de overleden Edmond Phlips
2010-2013  Frank Dietens
2013-2016  Martin Jeurissen
Sinds 2016  Koen Van Exem


Oscar VankesbeeckO Van Kesbeeck

Oscar Vankesbeeck werd geboren in Mechelen op 17 juli 1886. Hij zat in de tweede Grieks-Latijnse toen hij in 1905 speler en later in datzelfde jaar ook voorzitter werd van de club, met 45 stemmen voor en 5 tegen.

In 1919 behaalde hij het diploma van doctor in de rechten aan de Brusselse universiteit. Na een stage bij onder meer de gouverneur van de Nationale Bank werd hij stafhouder aan de Mechelse balie.

Oscar Van Kesbeeck was altijd -maar vooral in de sport- een hartstochtelijk verdediger van het recht. Hoewel hij erg sentimenteel was, kon hij tijdig afstand nemen van datgene wat hem na aan het hart lag om bij belangrijke beslissingen het verstand te laten primeren. Die eigenschappen waren de Belgische voetbalbond niet ontgaan en in 1937 werd Oscar Vankesbeeck bondsvoorzitter.

Voordien vertegenwoordigde hij Racing al in verschillende commissies zoals de technische commissie, en de keuzecommissie die verantwoordelijk was voor de samenstelling van de nationale ploegen.

Tijdens de wereldbeker 1930 in de Uruguayaanse hoofdstad Montevideo was hij delegatieleider. Twee Racingspelers maakten toen deel uit van de nationale ploeg: Dore Nouwens en Jan Diddens.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog was hij een door de vijand geviseerd man. Als hevig patriot werd zijn naam in 1942 door de Duitsers aan het hoofd van een lijst met kandidaat-gijzelaars gezet. Wat later werd hij door de Gestapo naar het fort van Breendonk gevoerd. Hij overleed kort na zijn vrijlating in 1943 als een gebroken man. Oscar Van Kesbeeck werd 56 jaar. Zijn begrafenis, op 1 maart 1943, groeide bijna uit tot een betoging voor het vaderland en werd bijgewoond door honderden afgevaardigden uit heel het land.

Oscar Van Kesbeeck was gedurende bijna 34 jaar bondsvoorzitter en later bracht ook zijn schoonzoon Louis Wouters het tot voorzitter van de Koninklijke Belgische voetbalbond.


Jan Dogaerjan dogaer


Racings tweede "grote" werd eveneens geboren te Mechelen, uit een eenvoudig arbeidersgezin, op 14 maart 1887. Jan Dogaer, als sportman in de eerste plaats een zeer actief worstelaar, voelde zich ook spoedig aangetrokken tot de nieuwe sport die voetbal toen was.

Hij werd opgenomen als lid van Racing in 1906 en na heel wat aandringen mocht hij wat later als verzorger optreden van één der lagere elftallen. Al spoedig promoveerde hij tot verzorger van het eerste elftal en in 1912 werd hij, als beloning voor zijn werklust, opgenomen in het bestuur.

Toen W.O. I uitbrak, week het gezin Dogaer uit naar Manchester (Engeland) waar zijn jongere broer Frans opgemerkt werd door Engelse scouts. Wat later kwam hij uit in Aston Villa’s fanionteam waarbij hij, op aanraden van broer Jan, steeds liefhebber bleef tussen al de bekende profs. De oudere broer van Jan, Janus, trok in 1915 naar het front en raakte als speler bekend, eerst in het regimentselftal van het 15de Linieregiment, later in het Nationaal Militair elftal en de beroemde Frontwanderers.

Onmiddellijk na afloop van de oorlog keerde Jan met de hele familie terug naar Mechelen en nam, dankzij de in Engeland opgedane kennis, zonder aarzelen de taak van trainer van Racings eerste elftal op zich. Hij zou die taak onafgebroken en belangeloos blijven uitoefenen van 1919 tot 1957! Het is onmogelijk te schatten hoeveel Racingjongens door hem gevormd en naar het topvoetbal geleid werden.

Toen op het einde van W.O. II de vrede in zicht was, en de clubleiding gereorganiseerd werd, zou hij tot algemeen voorzitter verkozen worden op 8 maart 1945. Zijn grootste succes beleefde hij ontegensprekelijk tijdens de periode 1945-1955 toen Racing tot de voetbalelite van België behoorde. Hij kon echter geen afstand nemen van zijn "Wunderteam" en ging er als het ware mee ten onder: hij bleef zich tot het laatste verzetten tegen elke reorganisatie of vernieuwing in de jaren zestig.

In 1965 werd hem een meer dan verdiende "gouden zetel" aangeboden in "zijn" eretribune, maar hij weigerde dit zonder aarzelen. Hij verdween geruime tijd op Racing, maar met de komst van Andrej Kvasnak nam hij toch in die zetel plaats. Voor niet lang echter: op 21 januari 1970 overleed hij.


Jozef "Jef" Gilisjozef gilis

Jef Gilis was de voorzitter die Racing in de allermoeilijkste dagen van haar bestaan heeft gered. In een periode dat Groen-Wit dreigde een zeer kleine club te worden, moest Gilis er de harde hand in houden.

Het was Lode Wouters die hem in november 1963 via de jeugdafdeling bij Racing binnenloodste en hem enkele maanden later voorstelde als Ondervoorzitter van deze afdeling. Nog enkele maanden later zou deze meester-meubelmaker het roer van de club overnemen, nadat Racing in Derde Nationale was beland.

Jef Gilis had bij Racing gespeeld als doelman in de jeugdelftallen. Hij belandde nadien in het liefhebbersvoetbal, maar keerde naar Racing terug toen hij het actieve spelen had opgegeven.

Gilis was oprecht en een gewaardeerd selfmade man: van kleine meubelmakergast tot industrieel. Hij was als stuk dynamisme hoogstnodig om het conservatieve Racingbeleid nieuw leven in te blazen.

Racing was destijds kandidaat voor degradatie naar Vierde Klasse. Velen zagen Racing toen te Mechelen als een toekomstig klein clubje, op het niveau van Rapid en Red Boys, opkijkend naar het ene, grote Malinois.

De nieuwe voorzitter zorgde voor een krachtige wederopstanding. Onder trainer Rik Van Herp waarborgde hij de promovering uit Derde.

Later werd, steeds onder impuls van Gilis, Rik Matthys als trainer aangeduid om van Racing weer een kwaliteitselftal te maken. Nog later stond de voorzitter naast oefenmeester Künnecke, die de club één seizoen in de topklasse bracht. Gilis had er toen reeds tien jaar presidentschap opzitten.

In tegenstelling tot zijn voorgangers besefte Jef wel dat er ook voor bestuursleden tijdige aflossingen van de wacht moesten komen om te beletten dat de boel zou verzanden. Gilis zelf stuurde aan op zijn vervanging als voorzitter door Frans Meulemans, die ondertussen als beheerder van Racing aan een loopbaan was begonnen als bondsleider, in het spoor van KBVB-voorzitter Louis Wouters.

Na enkele jaren werd Gilis, op eigen verzoek, vice-voorzitter toen Frans Meulemans de post van chairman had overgenomen.

Jef bleef erg actief, hield zijn hart en zijn brieventas open voor de club die hij van de ondergang had gered. Dat hebben alle getrouwen van de club best beseft toen zij hun vroegere voorzitter in 1984 een vorstelijke uitvaart hebben gegeven.


Frans Meulemansfrans meulemans

Toen Jef Gilis zichzelf een dagje ouder voelde worden, werd zijn voorzitterschap op eigen verzoek, overgenomen door de toenmalige ondervoorzitter Frans Meulemans.

Frans Meulemans wou reeds als kind gaan voetballen, maar zijn moeder die vrij jong weduwe werd, verzette zich tegen actieve voetballerij. De jonge Meulemans was een meer dan behoorlijk tennisspeler en werd zelfs drie maal clubkampioen bij Racing Tennis (-18 jarigen). Later belandde hij als achttienjarige bij Racing Mechelen Basket. Nadien interesseerde Frans Meulemans zich ook voor jumping.

Het was 1964 toen Frans Meulemans toetrad tot het bestuur van de Racing Voetbalclub. Dat gebeurde op voordracht van de beheerders, wijlen Sander Van den Broeck en Oscar Hugo. Meulemans werd, gesteund door de conservatieve wing, bestuurslid onder praesens Jan Dogaer. Nadien zou blijken dat diegenen die van deze Mechelse advocaat een behoudsgezinde houding hadden verwacht , zich vergist hadden. In 1965 kon men Meulemans vinden bij diegenen die een radicalisering van het beleid en een vernieuwing van het beheer wensten, bevochten en bekwamen.

Na een korte periode onder Pierre Daems werd Jef Gilis voorzitter en die kon rekenen op de energieke medewerking van Meulemans. Als nieuw beheerraadslid werd hij Racings public-relationsman met als voornaamste taak de betrekkingen tussen Racing en de pers te verbeteren. Die waren tijdens het Dogaerbewind immers tot beneden het vriespunt gedaald.

Meulemans zette zich op vele vakken in voor Racing: hij verbeterde het niveau van het clubblad, hij hielp de club moderniseren, hij nam deel aan besprekingen in verband met een fusie ... uiteindelijk werd hij voorzitter. Buiten het voorzitterschap van Racing Mechelen nam hij nog tal van voetbalmandaten waar: commissies binnen de Belgische voetbalbond, Uitvoerend Comité van de Belgische Voetbalbond, Voetballiga, ... tot vice-voorzitter van het BOIC.

Toen hij als lid van het Uitvoerend Comité was verkozen, diende afgerekend met het reglementpunt dat stelt dat in elk comité slechts één lid van eenzelfde club mag zetelen, vermits voorzitter Louis Wouters ook lid was van Racing. De bondsvoorzitter wist dat Meulemans nooit het lidmaatschap van zijn vereniging zou hebben opgezegd voor een bondsmandaat. Voorzitter Wouters tekende dan na enig aarzelen een lidkaart bij... F.C. Boom. Zijn hart bleef evenwel bij Racing.

In 2005 nam hij na jarenlange dienst afscheid van zijn werk op de KBVB.


Fons Rooms rooms

Fons Rooms nam de voorzittersstoel van Racing, op dat moment in eerste klasse, over op een vrij moeilijk moment, namelijk vlak nadat Racing Pauwels Trafo verloor als sponsor en Frans Meulemans als voorzitter. Bovendien stond op dat moment stadsrivaal KV Mechelen op zijn absolute hoogtepunt omdat het pas de Belgische beker, de Europacup en de landstitel had gewonnen. Dat speelde zeker niet in voordeel van Racing qua binnenhalen van sponsors, supporters en jeugdspelers. Bovendien speelde Racing een aantal boegbeelden kwijt die na een decennium andere lucht wilden opsnuiven. Het enige dat Racing toen kon doen was iemand aan te halen die contacten had in de bedrijfswereld om tegen de geelrode stroom in te roeien, en die werd gevonden in de persoon van Fons Rooms, een van de topmensen van multinational DuPont de Nemours.

Het is de verdienste van Rooms geweest dat Racing gedurende verschillende jaren een vrij groot aantal sponsors kon hebben ondanks de concurrentie van een (Europese) topploeg in haar achtertuin. Het is niet in te beelden waar Racing vandaag zou hebben gestaan indien het gedurende die moeilijke jaren Fons Rooms en Jean Goyvaerts niet zou hebben gehad. Racing streed tot op het laatst voor het behoud maar kon het net niet halen en zakte met Beveren naar tweede klasse.

Voorzitter Rooms en zijn team deden er alles aan om een ploeg op de been te brengen die de titel in tweede klasse zou behalen, dit door het aantrekken van topspelers als Prusik, Muller, Kilpatrick, Huts, Van Becelaere, e.a. maar de duurbetaalde vedetten faalden jammerlijk, evenals toptrainer Guy Mangelschots, die na 6 speeldagen Raoul Peeters kwam vervangen.

De jaren nadien werden erg moeilijk omdat Racing een gezondheidspolitiek voerde waardoor het steeds al zijn verplichtingen nakwam en iedereen correct betaalde, en in 1994 volgde de degradatie naar derde klasse waar Racing verschillende jaren voor promotie naar tweede streed, maar het steeds net niet haalde.

Toch was er in die jaren bijwijlen mooi voetbal te zien op Racing dankzij (soms wispelturige) spelers als Ploegaerts, Vanham, Van Hout, Scholiers, Van Schijndel, De Saeger, Takacs e.a.

In 1999 probeerde Rooms nog een laatste keer Racing naar boven te brengen door een relatie aan te gaan met Georgische investeerders die grootse plannen hadden met Racing, maar externe factoren hebben gewild dat deze deal strandde. Rooms, altijd een gentleman die correct omging met pers, sponsors, spelers en supporters, begreep dat hij na zijn pensionering niet meer dezelfde fondsen als voordien zou kunnen binnenhalen voor Racing en stopte als voorzitter na 12 jaar in het teken van Racing te hebben geleefd, maar niet na 3 nieuwe mensen te hebben binnengehaald in de raad van beheer teneinde geen puinhoop na te laten: voorzitter Marcel Leemans, Andre Verelst en Edmond Phlips.

Fons bleef achter de schermen actief voor de club en hij was ook voorzitter van Liga 3, de liga van de derde klasse clubs.
Tot aan zijn overlijden op 7 februari 2015 woonde Fons, tesamen met zijn echtgenote Esther, de meeste thuiswedstrijden van Racing bij.

Marcel Leemans leemans

Marcel Leemans werd voorzitter van KRC Mechelen op het moment dat de club het dieptepunt in haar bestaan doormaakte (2000). De Georgiërs waren net het land uitgekeerd en Racing bleef verweesd achter.

Geen enkele buitenstaander die nog een cent gaf voor het voortbestaan van Racing, maar dat was buiten de moedige Marcel Leemans en zijn bewindsploeg gerekend.

Ondanks het feit dat de club nog door een sportieve hel moest (twee jaren noodgedwongen serieus flirtend met de degradatie en deelname aan 'de verkeerde eindronde') slaagde hij er in de negatieve spiraal om te keren en de club te brengen waar ze nu staat. Alleen al daarom is hij, ondanks een korte bewindsperiode, volgens ons één van de, zoniet dé, belangrijkste voorzitters geweest van onze club.

Dankzij de stille diplomatie, de uiterlijke kalmte en de nodige inventiviteit van Marcel Leemans zat onze club terug boordevol leven en vertoonde ze een duidelijk stijgende lijn.

Marcel Leemans gaf einde 2004 zijn voorzitterstoel op omwille van zijn drukke beroepswerkzaamheden.

Joël Hendrickx werd de nieuwe voorzitter.

Hij kon terugkijken op een meer dan geslaagd voorzittersschap.


Joël Hendrickxjoelhendrickx

In het jubileumjaar 2004 nam Joël Hendrickx de fakkel over van Marcel Leemans. Hendrickx, een zakenman uit de Antwerpse vastgoedwereld, zat al enige tijd in het Racingbestuur en was de gedoodverfde opvolger voor de voorzittersstoel. Onder zijn bewind werd er terug ambitie uitgesproken en werd de positieve spiraal van de jubileumvieringen vertaald in het transferbeleid.

Het was ook de periode van de stadsderby’s. Hendrickx kwam veel in het nieuws en ondanks het overlijden van zijn vader was hij op de derby op het veld van YRKVM aanwezig. Supporters getuigden hun steun aan de hand van spandoeken. De 2-2 eindstand met een late gelijkmaker van Kjell Hermans zal ongetwijfeld meer dan een hart onder de riem betekend hebben.

In deze periode werden ook “namen” aangetrokken. Het meest in het geheugen blijft de transfer van Henk Vos, waarmee Racing het nationale nieuws haalde. Patrick Asselman kreeg een kern waarmee men “naar de oorlog kon”. De resultaten bleven echter uit en finaal moest Hendrickx nog een trainerswissel doorvoeren (Asselman out, Andrews in) om op het veld van Bornem het behoud te verzekeren. Het seizoen nadien plukte hij Tim Verstraeten weg bij provincialer Nieuwmoer.

Joël Hendrinckx had ook oog voor de jeugd en vond dat Racing als club meer in zijn mars had. Hij lanceerde het idee om een internationaal preminiementornooi te organiseren. Ondertussen is dit tornooi uitgegroeid tot een (nog steeds groeiend) driedagelijks evenement waar telkens meer dan 100 vrijwilligers hun schouders onder zetten en waarvoor de club lof krijgt van nationale en internationale topclubs.

Uiteindelijk was het onder andere een generatieconflict binnen het bestuur dat ervoor zorgde dat Joël zijn mandaat neerlegde. Hendrickx kwam als een gentleman al zijn verplichtingen na, waardoor zijn opvolger, de supporter voorzitter, verder kon bouwen aan de club.


Edmond "Monne" Phlips mon phlips

Het minste dat je over hem kan zeggen is dat hij de uniekste en kleurrijkste voorzitter is geweest in de geschiedenis van onze club. Emotioneel en verdrietig als het slecht ging, uitbundige vreugde bij prachtige resultaten in de competitie en de beker van Belgie. Dit zijn kenmerken die men eerder zou toeschrijven aan een fervent supporter dan aan een clubleider. Maar toch, dit was Mon ten voete uit.

Veel jaren geleden zat hij met zijn vader en later met zijn zoon steevast op de middentribune en zijn verbaal geweld als supporter werd alom gehoord. Maar daarbij was hij ook een Racingman die alles gaf voor de jeugd. Jarenlang – tot zijn overlijden – was hij Ere-voorzitter van de jeugdafdeling.

Zijn sportzakken, zijn inbreng voor de Klaasfeesten en de logistieke steun waren een zegen voor Racing. Het stond in de sterren geschreven dat zo’n man niet in het hoofdbestuur mocht ontbreken.

Na het ontslag op 19 december 2006 van Joel Hendrickx werd Mon eerst d.d. voorzitter om in de vergadering van 26 juni 2007 in de functie van algemeen voorzitter bevestigd te worden met algemeenheid van de stemmen van de V.Z.W. Wat was hij blij en trots om voorzitter van zijn Racing te kunnen zijn.

Gans voetbalminnend Vlaanderen zag hem met zijn Vikinghoed tijdens de uitzonderlijke bekercampagne, iedereen zag hem met zijn sombrero, overtuigd zijnde dat hij zijn club had gered en iedereen die hem kende zal nooit zijn favoriet deuntje “lief klein konijntje” vergeten.

Ooit verklaarde hij in een interview “Ik heb nooit beoogd om voorzitter te worden. Ik ben in de eerste plaats supporter, dan sponsor en dan pas voorzitter. Als er iemand met veel middelen komt, dan zet ik graag een stap opzij.”

Het (nood)lot besliste er op 18 mei 2009 jammerlijk anders over. Onze club bestaat reeds 112 jaar en allen van nu en zij die achter ons komen zullen zich Mon herinneren als een zeer lieve mens en een pracht van een voorzitter.


Uit eerbied voor de overleden Edmond "Monne" Phlips zou de voorzitterstoel even onaangeroerd blijven tot in 2010 Frank Dietens als opvolger werd verkozen. Na zijn ontslag in 2013 werd hij opgevolgd door Martin Jeurissen en in juli 2016 nam Koen Van Exem de fakkel overnam.


Palmares


Eerste klasse:
Vice-kampioen 1x:1952
3de plaats 4x:1929,1930,1950,1951

Tweede klasse:
Kampioen 4x:1910,1948,1975,1988
vice-kampioen 5x:1914,1925,1939,1946,1985
3de plaats 4x:1909,1938,1947,1971

Derde klasse:
Kampioen 4x:1962,1966,1969, 2014
vice-kampioen 1x: 2013
3de plaats 2x:1997,2000

Vierde klasse:
Kampioen 1x: 2011

Beker van België: 
Finalist 1954






Koop nu uw abonnement

Kies uw abonnement
Geef het gewenste vak op:
Andere voorkeuren zitplaats:

Nieuwsbrief

  1. Wedstrijden
  2. Rangschikking
Voorbereiding 2017-2018 - Voorbereiding 7
Datum do, 17 aug 2017 Beginn 19:30
Racing Mechelen
Racing Mechelen
Diegem Sport
Diegem Sport
-:-
Previous Matchnext MatchReset

Beker van Antwerpen 2017-2018

# Team Gs Ptn
16 K. Vlimmeren Sport 3 3
17 KFC Lint 3 3
18 Racing Mechelen 3 3
19 Groen Rood Katelijne 2 1
20 KV Bonheiden 3 1
    KRC Mechelen in beeld